Cijfers 2016

Machtigingskredieten

In de Vlaamse begroting zijn kredieten toegewezen aan AGION waarmee het agentschap engagementen voor infrastructuurdossiers mag aangaan. Dankzij de BTW-verlaging voor scholenbouw kon er ook bijkomend geïnvesteerd worden zowel via de reguliere financiering als via de DBFM-inhaalbeweging.

2016

totaal
gesubsidieerd niet-hoger onderwijs

234,497,000 euro

officieel gesubsidieerd onderwijs

49,917,500 euro

vrij
gesubsidieerd onderwijs

184,580,500 euro
Betalingskredieten

De scholen bezorgen de facturen van de uitgevoerde werken aan AGION om hun subsidies te verkrijgen. Om deze facturen te kunnen betalen voorziet de begroting betalingskredieten voor AGION.
De uitgevoerde subsidie-uitgaven voor 2016 binnen de reguliere financiering en hetDBFM-programma ‘Scholen van Morgen’ geven volgend overzicht:

Omschrijving DBFM Reguliere financiering
Vrij gesubsidieerd onderwijs 27.017.964 168.518.450
Gemeentelijk gesubsidieerd onderwijs 3.598.328 44.120.759
Provinciaal gesubsidieerd onderwijs 1.109.745
GO! 11.981.419
totaal 43.707.456 212.639.209
Waarborgverlening
Waarborgverlening

AGION subsidieert niet de totale kostprijs van het infrastructuurproject. De inrichtende macht of het schoolbestuur van het gesubsidieerd onderwijs kan hiervoor een lening aangaan. AGION kan een waarborg verlenen voor de terugbetaling van kapitaal, intresten en bijhorende kosten van deze leningen.

De leningen moeten worden aangegaan bij een financiële instelling erkend door de Vlaamse Regering en hun looptijd mag de duur van 20 jaar (exclusief de opnameperiode) niet overschrijden.
Om deze leningen mogelijk te maken sloten de Vlaamse ministers van Financiën en Onderwijs en AGION enerzijds en de Federatie voor de Belgische financiële sector anderzijds een overeenkomst af op 15 juli 2013. Dit protocol geeft de scholen een ruime keuze aan vaste of variabele intrestvoeten en verschillende herzieningstermijnen.

Agion 2016
250

leningen

->
totaal leningsbedrag 33,367,230 euro
De lijst met subsidiedossiers

De inrichtende machten of schoolbesturen van de onderwijsinstellingen, internaten en centra voor leerlingenbegeleiding (CLB’s) uit de gesubsidieerde vrije en officiële sector kunnen voor investeringen in hun onderwijspatrimonium een relatief eenvoudige subsidieaanvraag indienen bij AGION.
Welke procedure een inrichtende macht best volgt, hangt af van de aard en de (geraamde) kostprijs van de geplande bouw- of verbouwingswerken.
Afhankelijk van de gevolgde procedure doorloopt de aanvraag een wachttijd vooraleer de behandeling opstart.
Hieronder volgt een opsplitsing tussen het vrij gesubsidieerd onderwijs en het officieel gesubsidieerd onderwijs (gemeentelijk en provinciaal).

Omschrijving Aantal dossiers Raming subsidie
Vrij gesubsidieerd onderwijs 1489 € 2 371 015 390
Officieel gesubsidieerd onderwijs (gemeentelijk) 193 € 343 426 770
Officieel gesubsidieerd onderwijs (provinciaal) 3 € 1 152 871
totaal 1685 € 2 715 595 030
Het principeakkoord

Eenmaal de wachttijd doorlopen, kan de behandeling van het subsidiedossier starten. De inrichtende macht ontvangt de vraag om het ingediende dossier te actualiseren. AGION neemt vervolgens een principiële beslissing over het bouwprogramma en het toe te kennen subsidiebedrag.

Type Vrij gesubsidieerd onderwijs Officieel gesubsidieerd onderwijs (gemeentelijk) Officieel gesubsidieerd onderwijs (provinciaal) TOTAAL
Standaardprocedure € 62 939 149 € 48 289 455 € 4 155 528 € 115 384 132
Verkorte procedure € 51 991 557 € 51 991 557
Afwijking chronologie € 79 602 468 € 79 602 468
Spoedprocedure € 368 101 € 368 101
totaal € 194 901 275 € 48 289 455 € 4 155 528 € 247 346 258

De begroting 2016 voorzag een machtigingsbedrag van 234 497 000 euro. Het verschil tussen het machtigingsbedrag en de effectieve besteding is hoofdzakelijk te verklaren door bijkomende machtigingen voor projecten in functie van capaciteitsuitbreiding enerzijds en de toepassing van het vastleggingspercentage anderzijds.
Dit laatste betekent concreet dat de initieel geraamde subsidie voor de in 2016 goedgekeurde dossiers slechts voor 96% ervan effectief wordt vastgelegd. Deze techniek is mogelijk omdat op basis van historische gegevens blijkt dat er voor een subsidiedossier doorgaans minder subsidie nodig is dan oorspronkelijk geraamd.

De verdeling van de subsidies in 2016 geografisch verspreid is weergegeven op onderstaande kaart.

Per gemeente

x
  • geen subsidie
  • tot 250.000 € subsidie
  • tot 500.000 € subsidie
  • tot 1.000.000 € subsidie
  • tot 2.500.000 € subsidie
  • tot 5.000.000 € subsidie
  • tot 10.000.000 € subsidie
  • tot 20.000.000 € subsidie
  • tot 40.000.000 € subsidie
  • meer dan 40.000.000 € subsidie

Brussels Hoofdstedelijk Gewest

  • geen subsidie
  • tot 250.000 € subsidie
  • tot 500.000 € subsidie
  • tot 1.000.000 € subsidie
  • tot 2.500.000 € subsidie
  • tot 5.000.000 € subsidie
  • tot 10.000.000 € subsidie
  • tot 20.000.000 € subsidie
  • tot 40.000.000 € subsidie
  • meer dan 40.000.000 € subsidie

Per provincie

  • tot 25.000.000 € subsidie
  • tot 50.000.000 € subsidie
  • tot 75.000.000 € subsidie
  • meer dan 75.000.000 € subsidie
Gunningen

Als je kijkt hoe de investeringsbudgetten en beslissingen zich concreet vertalen op het veld, door de scholen zelf, dan bieden de gunningen aan de aannemers die in de markt geplaatst worden daarvoor een aanknopingspunt. Op basis van de goedgekeurde aanbestedingsdossiers ziet de evolutie van de daadwerkelijke investeringen in scholenbouw (exclusief de aanbestedingen van de DBFM-operatie ) op het terrein er uit zoals weergegeven in onderstaande grafiek. Het gaat hier om de totale bouwkosten van de schoolgebouwen, inclusief het gedeelte dat de inrichtende machten zelf financieren (bedragen excl. BTW).

Uit deze figuur blijkt dat in 2016 de jaarlijkse aanbestedingen in de reguliere financiering het hoogste niveau bereikten sinds 2005.

Indien er bijkomend wordt rekening gehouden met de gunningen van de overheidsopdrachten in het kader van de DBFM-operatie blijkt dat er de afgelopen 3 jaar meer aan gunningsbedragen werd goedgekeurd als in de 6 jaar hiervoor. Dit toont duidelijk de grote impact van de DBFM-inhaalbeweging ‘Scholen van Morgen’ op het bouwvolume aan scholen in Vlaanderen. Onderstaande grafiek geeft deze impact visueel weer.

Vlaamse Gemeenschapscommissie

Om de aantrekkingskracht en de kwaliteit van het Nederlandstalig onderwijs in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest te behouden én ook te versterken investeert de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) extra in de verbetering van de Nederlandstalige onderwijsinfrastructuur in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Deze supplementaire middelen zijn bestemd voor de subsidiëring van de schoolgebouwen in het basis- en secundair onderwijs.
De Vlaamse Gemeenschapscommissie en AGION sloten hiervoor protocolakkoorden af.
De VGC legt jaarlijks deze bijkomende middelen vast. AGION wendt dit extra budget aan om de subsidieaanvragen versneld te financieren volgens de subsidiëringsprocedures en subsidieregels die AGION hanteert, d.w.z. de geldende percentages van 60% en 70%.

Brussel
2016

gesubsidieerd vrij onderwijs in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest

700,000 euro